Skip to content

Wat de Box 3-wijziging van 2026 betekent voor waar de DGA zijn geld parkeert

Redactie Beursigforum

Voor de directeur-grootaandeelhouder is 2026 een jaar van keuzes. De regels in Box 3 zijn opnieuw aangepast, en dat raakt direct de vraag die veel ondernemers zich stellen: waar staat mijn vermogen eigenlijk het beste, privé of in de onderneming? Wie spaart of belegt met geld dat formeel van de bv is, merkt dat de afwegingen anders liggen dan een paar jaar geleden.

Het begint allemaal bij overzicht. Niet voor niets noemen ondernemers het holding rekening openen met GoDutch vaak als praktische eerste stap naar een heldere structuur, waarin privé en zakelijk netjes gescheiden blijven. In dit artikel zetten we op een rij wat er verandert en wat dat betekent voor je keuzes.

Wat de Box 3-regels van 2026 betekenen voor ondernemers

In 2026 rekent de Belastingdienst in Box 3 met een forfaitair rendement van 6 procent over het vermogen. Nieuw is de tegenbewijsregeling: particulieren mogen kiezen om belasting te betalen over hun werkelijke rendement als dat lager is dan het forfait. Voor wie privé spaart of belegt, kan dat gunstig uitpakken. Belangrijk om te weten is dat deze keuze niet geldt voor vermogen dat in de bv zit. Daarnaast heeft het kabinet aangekondigd dat per 1 januari 2028 een volledig nieuw Box 3-stelsel komt, gebaseerd op het werkelijke rendement. Voor ondernemers betekent dit dat de vraag waar het vermogen het beste staat, opnieuw actueel is geworden.

De holding als overzichtelijke structuur

Een holdingstructuur geeft rust en flexibiliteit. Je bent dan aandeelhouder van de holding, en de holding is aandeelhouder van de werkmaatschappij. Winst die je niet direct nodig hebt, kun je binnen de holding houden, beschermd tegen de risico’s van de operationele activiteiten en beschikbaar voor toekomstige investeringen of een eventuele verkoop. Wie een holding opzet, kan met het GoDutch bank rekening openen snel een aparte rekening op naam van de holding regelen, zodat de geldstromen van begin af aan gescheiden en overzichtelijk zijn. Dat scheelt later veel uitzoekwerk en maakt de verantwoording richting accountant en Belastingdienst eenvoudiger.

Beleggen in Box 3 of via de bv: wat zijn de verschillen?

De keuze tussen privé beleggen en beleggen via de bv hangt af van meerdere factoren. Op het gebied van belastingdruk geldt dat je vermogen eerst naar privé moet halen voordat je in Box 3 kunt beleggen, en dat betekent afrekenen in Box 2. Het bedrag dat je binnen de bv kunt laten werken is daardoor vaak groter dan wat er privé overblijft.

Qua liquiditeit is geld in de bv niet zomaar vrij besteedbaar: een uitkering naar privé kost belasting en planning. De flexibiliteit van een holding is juist een voordeel, omdat je winst kunt reserveren en gericht kunt inzetten. Daar staan wel hogere administratieve lasten tegenover, want een bv vraagt om een jaarrekening en een nettere vastlegging dan privébeleggen. Tot slot spelen de risico’s: beleggen brengt koersrisico met zich mee, en binnen een bv wil je voorkomen dat beleggingen de middelen voor de bedrijfsvoering in gevaar brengen. De afweging is dus niet puur fiscaal, maar vooral een kwestie van je situatie en doelen.

Praktische aandachtspunten bij het inrichten van je geldzaken

Voordat je beslist waar je vermogen het beste staat, helpt het om een paar zaken op orde te brengen. De volgende aandachtspunten vormen een nuchtere checklist voor de ondernemer die structuur wil aanbrengen.

  • Scheid privé en zakelijk strikt: een aparte rekening op naam van de holding houdt de geldstromen en de verantwoording zuiver.
  • Houd liquiditeit beschikbaar: vermogen in de bv kan kansen bieden, maar zorg dat er voldoende middelen overblijven voor investeringen, dividendbeleid en onverwachte uitgaven.
  • Bepaal vooraf je rol: leg vast of je spaart, belegt of beide doet binnen de bv, zodat de structuur daarop aansluit.
  • Denk aan de fiscale gevolgen: betrek je adviseur bij de keuze tussen sparen en beleggen en de verwerking daarvan in de aangifte.
  • Zorg voor overzicht en duidelijke machtigingen: leg vast wie mag betalen en wie meekijkt, zodat het beheer ook bij wijzigingen soepel verloopt.

Wie deze punten doorloopt, maakt de keuze tussen privé en de bv een stuk overzichtelijker. Het zijn geen ingewikkelde stappen, maar ze leggen wel de basis voor rustig en weloverwogen vermogensbeheer.

Waarom 2028 nu al meespeelt in je keuzes

De aangekondigde overgang naar belasting over het werkelijke rendement per 1 januari 2028 lijkt nog ver weg, maar werkt nu al door in verstandige keuzes. Beslissingen over de holding, over waar je belegt en over hoe je je vermogen verdeelt, hebben vaak een looptijd van meerdere jaren. Door nu al rekening te houden met het nieuwe stelsel voorkom je dat je je structuur over twee jaar opnieuw moet omgooien. Het loont dus om vooruit te kijken en je inrichting toekomstbestendig te maken.

Conclusie

De Box 3-wijzigingen van 2026 maken de vraag waar de DGA zijn geld parkeert opnieuw belangrijk. Een heldere holdingstructuur, een goed gescheiden administratie en een bewuste afweging tussen sparen en beleggen vormen samen de basis voor rust en grip. Door ook de overgang van 2028 mee te nemen, maak je keuzes die langer meegaan. Dit artikel is bedoeld als achtergrond en vormt geen financieel advies; voor je eigen situatie blijft afstemming met een fiscalist of adviseur verstandig.